Opa de Vries

Oma de Vries

Oma en Opa de Vries

Hoelang opa en oma de Vries,  de ouders van mijn moeder, precies bij ons in Kamerik hebben ingewoond weet ik niet, derhalve net zomin de exacte data van komen en gaan. Ook weet ik eigenlijk niet wat er nu precies aan de grondslag van hun verblijf bij ons heeft gestaan. Waarschijnlijk ‘financieel economische’ denk ik, maar ook niet meer dan dat. Ik zou het tante Co, de jongste zuster van mijn moeder, ‘pas 90 jaar’ en de laatste van die generatie nog in leven zijnd, eens kunnen vragen, mogelijk weet zij dit nog.

Ik denk niet dat ze bij mijn geboorte er al waren, doch voor zover mijn herinneringen terug gaan, waren zij er bij, en de oorlog was toch al wel een jaar of anderhalf a tweejaar voorbij toen ze weer naar Krimpen a/d IJssel  terug keerden.

Het is dus duidelijk dat ook zij een ‘flinke portie’ aan mijn opvoeding en vorming hebben bijgedragen. Van oma, ‘een heel erg lieve’!! Weet ik nog dat ze altijd wel met iets bezig was, ik zie haar nog voor me met een aardappelschilmandje op schoot en niet alleen om aardappelen te schillen maar ook ‘gevonden’ appels en peren uit naburige boomgaardjes. Zij ‘vond’ dit fruit bv.tijdens haar dagelijkse gang naar de boer drie huizen bij ons vandaan om melk te halen, dit was een vast ritueel, de boer vulde een klaar staande kan met twee liter melk en in de loop van de dag werd deze volle kan verwisseld voor weer een lege. Dit was dan natuurlijk echte ‘volle’ melk, en dreef er, naast de dikke laag room, veelal ook het nodige stof en hooi bovenop, want van de kan afdekken had boer Spijker ( ja verdomd zo heette hij en was ook zo hard) nog nooit gehoord. De route van deze ‘melkweg’ liep vanaf ons erf  via spijker’s boomgaard en een plank over een ca. 3 meter brede sloot naar de boerderij. Een ‘wandeling’ die oma menig maal heeft gemaakt, ook een keer sjokte mijn zusje Anneke achter haar aan, wat overigens niets abnormaals was hoor, maar wat deze keer toch wel iets bijzonders werd, Anneke huppelde vrolijk over de plank maar lette vermoedelijk niet al te goed op want ze d…. nderde pardoes in de sloot, hoewel deze niet diep was ging ze toch ‘koppie onder’ en moest oma, geknield op de plank, haar onder het kroos vandaan halen, schrik en ‘gekerm’ alom natuurlijk, ik zie het ‘spul’ nog de bakkerij in komen, Oma met de schrik in d’r lijf  en Anneke met kroos en bagger erop!

Meestal waren de tochtjes lucratiever, oma was zeer zuinig ingesteld en zag al gauw voordeeltjes in ‘gevonden voorwerpen’ vandaar vergaarde ze met plezier afgewaaid fruit enz. en soms ook nog wel eens een eitje, want boer Spijker had ook een koppeltje scharrelkippen.

Oma had altijd wel iets om’t hand, was ze niet aan het schillen dat was ze wel bezig met een handwerkje, oude sokken ‘uithalen’ en van de wol  weer nieuwe breien, natuurlijk ook ‘sokken stoppen’ maar ook haken erg veel haken, ze maakte kleedjes bij de vleet van de draadjes die Pa zorgvuldig uit de meelzakken haalden, bij het openen, de 50 kilozakken waren namelijk altijd gesloten middels een met grove steek genaaide witte draad. Als je deze nu op een bepaalde manier wist los te maken, kon je in één trek de gehele zak openen en hield je er een ongeveer twee en halve meter lange draad aan over. Deze draden werden door oma zorgvuldig verzameld en als ze er genoeg bij elkaar had werd er weer iets van ‘gefabriceerd’

We leerden derhalve van haar dus ‘zuinigheid’ en dat veel ‘afval toch nog waarde had.

Van oma leerden we ook spelletjes als Mens erger je niet, Halma, Domino, ja tot ‘kaarten’ toe, in het begin natuurlijk ‘pesten’ later ook ‘één en dertigen’ en ‘jokeren’. Opa deed hierbij ook wel eens mee, maar dat vonden wij eigenlijk niet zo leuk. Hij kon namelijk niet tegen zijn verlies, zelfs niet van zijn kleinkinderen, hij werd er chagrijnig  van en kreeg er ruzie door met oma die minder ‘kinderachtig’ was ingesteld.   

Met opa maakten we wandeltochtjes door het dorp en wist hij over diverse dingen wel iets te vertellen. Ook was opa goed in voorlezen, we liepen al snel met een boekje naar hem toe als weer aan een verhaaltje toe waren.

Zo heeft hij ons ook de gehele ‘Kinderbijbel’ voorgelezen ondanks zijn ‘heilig ongeloof’ wist hij de verhalen van, ik dacht, W G v/d Hulst zodanig te brengen dat we aan zijn lippen hingen.

Van opa kan ik me ook nog herinneren van de nodige ‘hand en spandiensten’ hij repareerde en schilderden kozijnen en deuren enz. zijn vak was immers ook schilder. Ik meldde ook reeds de ‘bomenrooi affaire’ In de bakkerij heb ik hem nooit iets zien doen, dit lag hem waarschijnlijk niet zo. Wel weet ik nog van het verven en beschilderen van een bestelwagentje. Mijn vader had namelijk vlak na de oorlog 2 leger jeeps uit een dump in handen weten te krijgen, ik schrijf 2 jeeps maar eigenlijk waren het maar 2 halve jeeps, zoveel er aan elk mankeerde, maar goed, Pa had er één goede van weten te maken en een plaatselijke carrosseriebouwer had het geheel van een dakje en deuren voorzien en er een  bestelwagentje van gemaakt, en opa gaf het ‘spul’ kleur en voorzag het van  “ Burggraaf voor brood en banket ” of iets van dien aard.

Opa is in de begin jaren ’60, na het overlijden van oma, ook nog enkele jaren bij ons ‘in geweest’. Dat gaf weer andere ‘avonturen’, daarover een volgende keer. 

 

 

 

 

 

 

 

Het beschilderen van de Jeep